07-04-08

4/8 Canada in oorlog

(1914-1918)

Canadese troepen dienen in de Eerste Wereldoorlog
Canadese troepen dienen in de Eerste Wereldoorlog

Bij aanvang van de Eerste Wereldoorlog was Canada nog steeds slechts intern onafhankelijk van Groot-Brittannië. Buitenlandse zaken en defensie waren bij voorbeeld nog steeds de verantwoordelijkheid van het Verenigd Koninkrijk en toen op 4 augustus 1914 Groot-Brittannië de oorlog aan Duitsland en later alle Centrale Mogendheden verklaarde werd Canada samen met andere Britse gebieden als Australië en Nieuw-Zeeland automatisch ook bij de oorlog betrokken. Animo om aan de oorlog deel te nemen was desalnietemin groot onder beide taalgemeenschappen en vele tienduizenden soldaten werden naar de fronten in Europa gezonden.

Na eerst een puur vrijwilligersleger op de been te hebben gebracht noopte de lange duur van de oorlog en een afnemend aantal vrijwilligers de regering om in 1917 de dienstplicht in te voeren. De maatregel van het kabinet onder leiding van minister-president Borden stuitte met name in Québec op veel weerstand en de regering werd erdoor aan het wankelen gebracht. Borden’s regering redde het uiteindelijk nadat het met de Liberale oppositie een coalitie van nationale eenheid had gevormd. Deze coalitie behaalde onder de naam Union Party in 1917 de verkiezingswinst en Borden kon verder regeren al bestond de regerende partij uit leden die allen de Engelstalige provincies vertegenwoordigden. Oud minister-president Laurier, die Québec vertegenwoordigde, maakte geen deel uit van de Unionregering hoewel hij wel tot de daarvan deel uitmakende Liberale Partij behoorde.

De oorlog had als geen andere gebeurtenis tot gevolg dat er een gevoel van Canadese zelfidentiteit werd gevormd onder met name de Engelstalige bevolking. Aanvankelijk vielen de Canadese troepen onder direct bevel van de Britten maar later werden er volledig Canadese eenheden ingezet onder bevel van Canadese officieren. Meerdere belangrijke veldslagen hadden een Canadese inbreng maar het was de slag om een heuvelrug nabij Vimy waar Canadese troepen in de Slag om Vimy Ridge een Duitse stelling innamen die eerder tevergeefs door zowel Britse als Franse troepen was aangevallen. De slag is hét symbool van de Eerste Wereldoorlog voor de Canadezen en er wordt wel gezegd dat na de vorming van de confederatie in 1867, de dag dat deze veldslag plaatsvond Canada haar tweede geboorte onderging.

De oorlog had echter naast een gevoel van nationale trots tevens een hoge prijs in zowel economische als menselijke vorm. De financiële last van de oorlog werd gedeeltelijk door een "tijdelijke" inkomstenbelasting gedragen (hoewel deze nooit is afgeschaft na de oorlog) en de tol in mensenlevens beloopt rond de 60.000 gesneuvelde en ruim 150.000 gewonde Canadese soldaten. Op 6 december 1917 vond er een ramp plaats in de havenstad Halifax in Nova Scotia nadat een Frans munitieschip na een aanvaring met een Belgisch schip in brand vloog en stuurloos in de richting van de haven dreef alwaar een enorme explosie het grootste deel van Halifax verwoeste. Deze ramp had naast de directe gevolgen voor de stad ook een impact op de oorlog daar Halifax een belangrijke schakel was in de handel tussen Noord-Amerika en Europa tijdens het conflict.

Depressie en oorlog (1918-1945)

Terugkerende troepen die in Europa hadden gevochten en een groeiende vakbondsbeweging leidde in de jaren direct na de Eerste Wereldoorlog tot meerdere stakingen en enkele malen ook tot geweld tussen de autoriteiten en arbeiders. Naast de groeiende vakbonden was er ook in politieke zin een verschuiving aan het plaatsvinden in Canada. Regionale partijen begonnen zich te vormen zoals de Social Credit Party in Alberta en meer populistische partijen werden gecreëerd alsmede socialistische partijen, met name gedurende de Grote Depressie die Canada zwaar trof. Minister-president William Lyon Mackenzie King greep een politieke crisis over de ontbinding van het parlement (dat werd geweigerd door de Gouverneur-generaal) aan om tijdens een conferentie van Gemenebestlanden te pleiten voor een herdefiniëring van de rol van de vertegenwoordiger van de Kroon in Canada. Ook kreeg Canada na de Westminster Conference in 1931, net als andere semi-onafhankelijke landen in het Britse rijk, meer autonomie hoewel het Britse parlement nog steeds het laatste woord zou blijven houden ingaande constitutionele zaken.

De Grote Depressie

De westelijke provincies kregen de hardste klappen tijdens de depressie mede veroorzaakt door de hechte economische band die er met de Verenigde Staten bestond. De ineenstorting van de graanmarkt veroorzaakte naast plaatselijke malaise in de prairieprovincies ook nationaal een grote economische neergang daar het Canada’s belangrijkste exportartikel betrof. Ook de industriesector in Ontario en Québec kreeg met een grote neergang te maken en de Canadese economie had na die van de VS de grootste teruggang ten gevolge van de Grote Depressie. Het duurde tot de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog vooraleer de economie haar peil van 1929 weer had bereikt. Tijdens de piek van de depressie was één op de vier werknemers werkloos.

MacKenzie King, de Liberale minister-president, nam aanvankelijk een afwachtende houding aan in het geloof dat de depressie van korte duur zou zijn en geen overheidsinterventie behoefde. Tijdens de verkiezingen van 1930 verloor de regering echter en werd de Conservatieve leider Richard Bennett de nieuwe minister-president. Bennett trachtte een beleid dat gebaseerd was op het New Dealbeleid van de Amerikaanse president Franklin Delano Roosevelt te implementeren maar dit had slechts beperkt succes. Bennett kreeg uiteindelijk de schuld van de durende terruggang van de economie en in 1935 werd opnieuw, voor de derde maal, Mackenzie King met zijn Liberalen door het volk gekozen om de regering te leiden. (Mackenzie King zou uiteindelijk in de 27 jaar tussen 1921 en 1948 in totaal 21 jaar minister-president zijn en daarmee, tot nu toe, de langst zittende minister-president zijn.)

Kampen werden tijdens Bennett’s regeerperiode opgezet om werkloze mannen bijvoorbeeld in te zetten voor wegenbouw en andere projecten. De slechte werkcondities in deze kampen zorgde voor een staking in 1935 in Vancouver die uiteindelijk in een landelijk volksprotest ontaarde. Honderden protesterende mensen trokken vanuit Vancouver naar Ottawa maar in Regina, de hoofdstad van Saskatchewan, werd de mars gestopt door de autoriteiten en slechts de leiders van de beweging kregen toestemming naar Ottawa te gaan om met de minister-president te onderhandelen. De onderhandelingen liepen op niets uit en na terrugkomst in Regina organiseerden de demonstranten demonstraties die al snel in rellen ontaarden die bloedig werden neergeslagen door de politie. Kort hierna werden er echter hervormingen doorgevoerd door de regering en werden de kampen gesloten.

De wereld in oorlog

Canadese troepen in actie tijdens D-Day, 1944
Canadese troepen in actie tijdens D-Day, 1944

In de aanloop van de Tweede Wereldoorlog nam Canada in haar buitenlands beleid een opmerkelijk neutrale positie in nadat het sinds de Westminster Conference ook in buitenlandse zaken onafhankelijk van het moederland kon opereren. Mackenzie King verklaarde na een ontmoeting met Hitler dat er geen dreiging van Duitsland uitging en Canada verklaarde Duitsland pas een week na Groot-Brittannië de oorlog.

De Canadese oorlogsbijdrage was onevenredig groot en aan het einde van de oorlog was het land een militaire grootmacht geworden. Bijna 150.000 geallieerde piloten genoten hun training in Canada en de eerste veldslag waar Canada een significante bijdrage aan leverde was de, vergeefse, verdediging van Hongkong tegen de Japanse invasie in 1941. Canadese troepen vochten nadien in diverse veldslagen, onder andere in Italië en op 6 juni 1944, D-Day had Canada de verantwoordelijkheid voor de invasie op het strand Juno tijdens de geällieerde invasie van Normandië. Samen met de Britten en Amerikanen drongen de Canadese troepen diep Europa in en zij trokken onder meer noordwaarts waar zij in 1944/1945 een belangrijke bijdrage leverden aan de bevrijding van Nederland. In dank voor de Canadese hulp tijdens de bevrijding en het gastrvrije ontvangst van de Nederlandse koninklijke familie die uiteindelijk in Canada neerstreek tijdens de bezetting, stuurt Nederland tot op de dag van vandaag ieder jaar 10.000 tulpenbollen naar Canada en wordt ter viering hiervan in Ottawa het jaarlijkse Tulpenfestival gehouden.

Net zoals tijdens de Grote Oorlog werd er aanvankelijk een vrijwilligersleger ingezet gevolgd door een mobilisatieplan dat alleen voor de directe verdediging van Canada kon worden gebruikt. Groot verzet vanuit de Franstalige gemeenschap was hiervoor de hoofdoorzaak en Anglofoon Canada verweet de Franstaligen liever thuis te blijven terwijl hun landgenoten overzees vochten voor hun vrijheid. Uiteindelijk noopte de oorlogssituatie minister-president Mackenzie King om in 1942 een volksraadpleging te houden over de invoering van algemeen dienstplicht. Engelstalig Canada stemde overwegend "ja" terwijl Québec "nee" stemde met als eindresultaat een comfortabel "ja". Slecht weinig dienstplichtigen werden daadwerkelijk uitgezonden als onderdeel van de bijna 1 miljoen die dienden in de strijdkrachten.

06:00 Gepost door Hexana in Geschiedenis | Permalink | Commentaren (0) | Tags: canada, geschiedenis, oorlog |  Facebook |

06-04-08

3/8 Canada vóór de Eerste Wereldoorlog

Métisopstanden

De eerste minister-president van het semi-onafhankelijke Canada werd de conservatieve John Alexander Macdonald die de regering in eerste instantie tussen 1867 en 1873 leidde. In 1869 verkreeg Canada onder zijn leiding de controle over Rupertland en de noordwestelijke gebieden die het van de Hudson's Bay Company kocht. De regering moedigde mensen aan om in de nieuw verkregen territoria nederzettingen te stichten wat al snel voor conflicten zorgde tussen de pioniers in die gebieden en de reeds daar gevestigde indianen en Métis, mensen van gemengd Frans en indiaans bloed die de nazaten zijn van vroege Franse bonthandelaren.

De Métis die rond de Red River leefden, in wat nu de provincie Manitoba is, trachtten eerst via onderhandelingen met de overheid de conflicten op te lossen maar al vlug brak er onder leiding van Louis Riel een opstand uit die door Canadese milities werd onderdrukt. Riel ontsnapte naar de VS om na ruim een decennium weer terug te keren, ditmaal naar het huidige Saskatchewan alwaar hij in 1885 wederom een opstand leidde, ditmaal tegen de nieuw gevormde North West Mounted Police. Wederom werd de militie ingeschakeld om de opstand neer te slaan en ditmaal werd Riel gevangen genomen en in november 1885 opgehangen na veroordeeld te zijn van landsverraad. Een held van de Franse gemeenschap, Riel’s terechtstelling had een hernieuwd Frans nationalisme tot gevolg en de kloof tussen de twee bevokingsgroepen van het land werd verder geopend.

 

Groei van een natie

Leden van de North West Mounted Police in Yukon Territory in 1900
Leden van de North West Mounted Police in Yukon Territory in 1900

De eerste Métisopstand had de vorming, in 1870, van de nieuwe provincie Manitoba tot gevolg. In deze provincie, die aanvankelijk slechts een fractie van haar huidige oppervlak besloeg, kregen de Franstalige Métis en indianen dezelfde rechten als Engelstalige inwoners en ook de gelijkheid van godsdiensten werd vastgelegd. Een jaar later besloot Brits-Columbia in de confederatie te treden nadat de eis dat er een transcontinentale spoorweg zou worden aangelegd werd ingewilligd. De route van deze spoorlijn zou door het dunbevolkte Northwest Territories lopen en werd in 1885 voltooid. De transcontinentale verbinding zou een essentiële rol gaan spelen in de decennia die volgde in de exploitaite van het immense binnenland van Canada en de bevolkingsgroei die hand in hand ging met het toenemende belang van de treinverbinding had de vorming van de provincies Saskatchewan en Alberta tot gevolg. De North West Mounted Police, de latere Mounties, bewaarde de orde in de westelijke gebieden.

In 1873 trad ook Prins Edwardeiland, na haar aanvankelijke weigering, toe tot de confederatie. Nadat Canada laat in de 19e eeuw ook de soevereiniteit over de Arctische eilanden van Groot-Brittannië verkreeg controleerde het land de grootste deel van de noordelijke helft van het continent van de Atlantische Oceaan tot de Grote Oceaan met uitzondering van het Amerikaanse Alaska en Labrador dat tot 1949 samen met Newfoundland Brits bezit bleef vooraleer het als de tiende provincie tot Canada toetrad.

 

Canada aan het eind van de 19e eeuw

MacDonald, die de regering van 1867 tot 1873 en van 1878 tot 1891 leidde, introduceerde een nationaal beleidsplan die hij zijn National Policy noemde. Dit plan moest de economie van het land versterken, vooral ten opzichte van dat van de Verenigde Staten waarvan de economie vele malen groter was dan de Canadese. Het plan hield naast de al genoemde transcontinentale spoorweg ook protectionistische tarieven in die de industrie van het land moest beschermen. Goederen konden nu sneller en efficiënter door het immense land getransporteerd worden en vooral het geïndustrialiseerde Ontario had hier voorbaat bij. MacDonald’s beleid had ook als bijkomstigheid dat Canada haar onafhankelijkheid assertiever kracht bijzette.

De sterke bevolkingsgroei in de laatste jaren van de 19e eeuw en de eerste decennia van de 20e, vooral ten gevolge van immigratie vanuit Europa, hielp mee om de economische groei in Canada in die periode tot de sterkste in de wereld te maken. Een bevolkingsgroei van een andere orde vond plaats in de Northwest Territories in 1897 nadat in augustus van de jaar ervoor goud was ontdekt in een zijrivier van de Klondike. De korte maar enorme toestroom van goudzoekers noopte de regering het meest westelijke deel van de Northwest Territories waar de goudkoorts plaatsvond van de rest van het territorium af te scheiden en in 1898 werd het Yukon Territory gevormd. In 1901, nadat de Goudkoorts van Klondike haar beloop had gehad viel het inwoneraantal in de Yukon weer sterk terug.

Hoewel immigratie vanuit Europa werd aangemoedigd werden er stappen ondernomen om de toestroom van Aziatische immigranten aan banden te leggen. Hiertoe werden er toegangsgelden geëist van binnenkomende immigranten die vanuit China of India Canada wilden binnenkomen en werd voor een kwart eeuw na 1923 zelfs een geheel verbod op immigratie vanuit China afgekondigd. Deze maatregelen leiden heden ten dagen nog steeds van tijd tot tijd tot protesten en een roep tot schadeloosstelling onder Aziatische groeperingen.

 

Wilfried Laurier en "Canada’s Eeuw"

In 1896 werd de Liberaal Wilfrid Laurier gekozen tot minister-president. Laurier wilde Canada’s nationalisme opwekken om zo een hechtere band tussen de Engelstalige en Frantalige bevolkingsgroepen te creëren. De focus, zo vond hij, moest meer op Noord-Amerika gericht zijn dan op het moederland en haar koloniale rijk. Laurier zag in Canada een wereldmacht in wording en hij verklaarde dat de 20e eeuw "Canada’s Eeuw" zou zijn.

Ondanks Laurier’s beleid bleven er echter diepe meningsverschillen bestaan over wat de koers van het land moest zijn tussen de twee gemeenschappen. Nadat Groot-Brittannië in 1899 voor de Tweede Boerenoorlog een verzoek deed tot bijdrage aan de troepenmacht in Zuid-Afrika ontstond er hevig verzet onder de Franstaligen die geen deel wilde uitmaken van een Britse “imperiale oorlog” terwijl er onder de Engelstaligen veel animo was om aan de oorlog mee te doen. Laurier besliste uiteindelijk om in plaats van een legermacht uit te zenden slecht troepen die op vrijwillige basis diende in te zetten. Het gevoel onder de pro-Britse gemeenschap dat Laurier Canada te veel buiten de invloedsfeer van het Britse moederland wilde houden leidde uiteindelijk tot zijn nederlaag tijdens verkiezingen in 1911 waarbij de Conservatieven onder leiding van Robert Laird Borden winst boekte.

06:00 Gepost door Hexana in Geschiedenis | Permalink | Commentaren (0) | Tags: canada, geschiedenis, voor oorlog |  Facebook |

05-04-08

2/8 Britse overheersing

Na de Britse overwinning in de Franse en Indiaanse Oorlog verkreeg het Verenigd Koninkrijk aldus de controle over ruim 50.000 Franstalige bewoners. In tegenstelling tot de deportaties van 1755 echter werd ditmaal gehoopt dat de Fransen zich in de gemeenschap zouden integreren. Teneinde dit in de hand te werken werd in 1774 middels de Québec Act de provincie Québec gecreëerd en werd tevens de Franse civiele code en het Rooms-Katholieke geloof erkend.

Een jaar later zou de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog uitbreken in de Britse koloniën ten zuiden van Canada. Québec werd korte tijd strijdtoneel en de Amerikanen bezetten enige steden in de provincie in de hoop Canada bij de revolutie te betrekken. Uiteindelijk werden zij echter uit Québec verdreven en de provincie bleef trouw aan de Britse Kroon. Vele Québecois echter melden zich vrijwillig aan ten zijde van de Amerikanen.

Oorlog van 1812

De Slag bij Queenston Heights in 1813
De Slag bij Queenston Heights in 1813

Tijdens en vooral na de Amerikaanse Revolutie kreeg Canada te maken met een influx van Britse loyalisten die de jonge Verenigde Staten ontvluchten. Zo’n 50.000 van hen vestigden zich in Brits Noord Amerika dat nu bestond uit de Atlantische gebieden alsmede Upper Canada (nu Ontario) en Lower Canada (Nu Québec. Deze onderverdeling werd officieel bekrachtigd via de Constitutional Act van 1791.

In 1812 brak er opnieuw oorlog uit in Noord-Amerika, tussen het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten en opnieuw werd Canada strijdtoneel. In 1812 en 1813 vielen Amerikaanse troepen Canada binnen en bezetten onder andere Fort York, het latere Toronto. Tevens verkregen de VS de controle over de Grote Meren na de Slag om het Eriemeer te hebben gewonnen. De Amerikanen hoopten net zoals bij de Onafhankelijkheidsoorlog een generatie eerder Canada bij de oorlog te betrekken maar hoewel een deel van de Canadese bevolking de invasie steunde was er onvoldoende steun onder vooral de loyalisten en de Franstaligen die niet deel wilden gaan uitmaken van de VS. Omgekeerd vielen de Britten de VS binnen vanuit Canada maar werden op hun beurt teruggedreven. Hoewel de oorlog militair geen overwinnaar kende was de politieke en morele winnaar de VS die haar onafhankelijkheid bekrachtigde en zich definitief van de Britten ontdeed. In Canada echter werd en wordt de oorlog van 1812 gezien als een overwinning tegen een Amerikaanse invasie en is zij nog steeds belangrijk voor de Canadese nationale psyche.

Canada krijgt vorm

In de periode na de Oorlog van 1812 ontstond er onder de Canadese bevolking de behoefte aan meer eigen politieke identiteit en een meer onafhankelijke koers los van het moederland. Er waren twee stromingen die de meeste aanhangers kende, diegene die zelfbestuur in de interne aangelegenheden wilde verkrijgen en een andere stroming die geheel onafhankelijk wilde worden en een republiek naar Amerikaans of Frans voorbeeld wilde oprichten in Canada.

Eén van de meer radicale hervormers was Louis-Joseph Papineau die als lid van de koloniale wetgevende vergadering in Lower Canada hervormingen trachte door te voeren maar die door de Britse autoriteiten in de wind werden geslagen. In 1837 en 1838 laaide deze hervormingspogingen op en braken er diverse gewapende opstanden uit in zowel Lower Canada als Upper Canada. Deze opstanden werden snel en bloedig door de Britten neergeslagen en diverse leiders van de opstandelingen waaronder Papineau vluchtte naar de Verenigde Staten. Tegelijkerteid trachtten Ierse immigranten tevergeefs het zuidwesten van Upper Canada, het gebied rond het huidige Windsor, Ontario, in te nemen om er een zelfstandige kolonie te vestigen.

In 1838 werd Lord Durham aangesteld als de nieuwe Gouverneur-Generaal in Brits-Noord-Amerika en hij kreeg ten taak de oorzaak van de opstanden te onderzoeken. Zijn in 1839 opgestelde rapport Report on the Affairs of British North America (Rapport ingaande de toestand van Brits Noord Amerika) stelde dat in zijn ogen de hoofdoorzaak van de opstanden de wrijving was die er tussen de Franstalige en Engelstalige bevolkingsgroepen bestond en dat een unie tussen de twee de enige oplossing was. Zo kon, zei hij, de achterwaartse Franse gemeenschap in de Engelse intergreren waardoor het probleem van conflicterend nationalisme zou kunnen worden opgelost.

Act of Union

In 1840 kreeg Lord Durham’s opvolger, Lord Sydenham, de taak om de aanbevelingen in Durham’s rapport te implementeren en dit resulteerde in de Act of Union die Upper en Lower Canada samenvoegde om de provincie Canada te vormen. Hoewel beide delen evenveel zeggenschap kregen in de wetgevende vergadering van de verenigde provincie werd Engels de enige officiële taal en werden er pogingen ondernomen om de Franstalige gemeenschap volledig te verengelsen. Al snel echter werden een aantal van deze maatregelen weer ongedaan gemaakt en werd Frans wederom één van de officiële talen van Canada. Tevens kregen de leiders van de opstanden van 1837/38 amnestie en keerde verscheidenen van hen terug naar Canada.

Onder de Act of Union werden ook de relaties met de Verenigde Staten aangehaald en werden de meeste grenstwisten diplomatiek opgelost via verdragen. In de decennia die volgden werd echter de roep om meer eenheid en interne zelfstandigheid groter. Tevens was er een wens om westwaarts over het continent uit te breiden in navolging van de Amerikaanse expansie. De grens met de VS in de westelijke gebieden werd vastgesteld langs de 49e breedtegraad, in 1858 werd de kroonkolonie Brits-Columbia opgericht en in 1866 werd deze verenigd met Vancouvereiland.

Confederatie

Father of Confederation en eerste minister-president van Canada Sir John A. MacDonald
Father of Confederation en eerste minister-president van Canada Sir John A. MacDonald

Gedurende en vlak na de Amerikaanse Burgeroorlog was er zorg over de mogelijkheid van Amerikaanse expansie noordwaarts. Hoewel de provincie Canada politiek verre van stabiel was besloten de Britten dat het in ieders voordeel was om Canada meer zelfstandigheid te verlenen. De twee meest invloedrijke politieke partijen in Canada vormde in 1864 een coalitie om dit doel te bereiken en ook in de Atlantische provincies New Brunswick, Nova Scotia, Prins Edwardeiland en Newfoundland was er een stroming op gang gekomen die politieke eenheid voor dat gebied wilden bewerkstelligen. In datzelfde jaar, 1864, werden er in Charlottetown, Prince Edward Island en in Québec conferenties gehouden tussen vertegenwoordigers van de diverse provincies. Hoewel Prince Edward Island en Newfoundland uiteindelijk besloten niet in een confederatie met de andere provincie te treden vormden Canada, New Brunswick en Nova Scotia de Confederatie van Canada in 1867 en dit besluit werd op 1 juli 1867 door het Britse Parlement in Londen bekrachtigd middels de British North America Act (BNA). De zo ontstane entiteit kreeg de officiële titel Dominion of Canada en 1 juli werd aangesteld als de nationale feestdag (Dominion Day, sinds 1982 Canada Day geheten.) De confederatie was zelfstandig waar het interne aangelegenheden aangaat maar het parlement in Londen had nog steeds veel zeggenschap over Canada mbt buitenlandse betrekkingen bijvoorbeeld. Ook kon alleen het Britse parlement de BNA, wat in feite Canada’s grondwet was, aanpassen na een verzoek daartoe van het Canadese parlement.

06:00 Gepost door Hexana in Geschiedenis | Permalink | Commentaren (0) | Tags: canada, geschiedenis |  Facebook |

04-04-08

1/8 Geschiedenis van Canada het begin

De geschiedenis van Canada begint met de intocht van mensen die vanuit de Beringlandbrug vanuit Azië Noord-Amerika binnentrekken. Over de precieze tijd dat dit gebeurde is geen zekerheid maar de eerste sporen van menselijke aanwezigheid dateert van zo’n 20.000 tot 25.000 jaar geleden. Dit artikel is er een van acht behandelt voornamelijk de geschiedenis, van het gebied dat het huidige Canada behelst, sinds de eerste Europeese ontdekkingsreizigers het Noord-Amerikaanse continent verkende.

Komst van de Europeanen

Viking kolonie te L'Anse-aux-Meadows
Viking kolonie te L'Anse-aux-Meadows

Bijna 500 jaar voordat Christoffel Columbus de Nieuwe Wereld ontdekte waren het de Vikingen die Groenland en later ook Noord Amerika zelf verkenden en er zich trachtten te vestigen. Opgravingen hebben de restanten van een noorse nederzetting aangetroffen in L'Anse aux Meadows in Newfoundland die van rond het jaar 1000 stamt.

Reeds enkele jaren na Columbus’s eerste tocht was het John Cabot die in 1497 de oostkust van het huidige Canada verkende en het voor koning Hendrik VI van Engeland claimde. Met zijn schip de Matthew zeilde Cabot langs de kust van Noord Amerika van Labrador zuidwaarts tot aan de Chesapeake Bay. Het waren echter de Fransen die in de 16e eeuw serieus het achterland van Canada begonnen te verkennen. Jacques Cartier was de eerste in 1534 en in 1605 stichtte Frankrijk de eerste nederzettingen in wat nu Canada is te Port Royal terwijl in 1608 de stad Québec werd gesticht.

Nieuw-Frankrijk

Kaart van Nieuw Frankrijk gemaakt door Samuel de Champlain rond 1612
Kaart van Nieuw Frankrijk gemaakt door Samuel de Champlain rond 1612

De eerste Franse pogingen om voet aan de grond te krijgen in Canada verliepen moeizaam en enkele nederzettingen mislukten. De Franse aanwezigheid in Canada (Nieuw-Frankrijk genaamd) groeide echter langzaam in de jaren nadat de eerste permanente nederzettingen waren gesticht en de slechts enkele duizenden pioniers vestigden zich voornamelijk langs de St. Lawrence en langs de kust. Het was aan niet-Katholieken verboden zich in Nieuw-Frankrijk te vestigen.

’’Voyageurs’’ drijven handel 
’’Voyageurs’’ drijven handel

Landbouw en visserij waren aanvankelijk de hoekstenen van de economie en Franse handelaars (Voyageurs) drongen diep het achterland binnen en dreven handel in onder andere beverpelzen. Missionarissen poogden intussen de Indianen die rond de Grote Meren leefden tot het Katholieke geloof te bekeren. De Engelsen hadden zich intussen te Newfoundland en het zuiden van Nova Scotia genesteld alsmede rond het in 1610 door Henry Hudson ontdekte Hudsonbaai. Al snel laaiden er confilcten op tussen de Fransen en de Engelsen alsmede tussen de Europeanen en de oorspronkelijke indianenstammen als de Algonquin en de Iroquois. Deze conflicten liepen voor de oorspronkelijke bewoners meestal slecht en door de Europese pioniers meegebrachte ziekten eisten eveneens hun slachtoffers onder de Indianen.

Conflicten en neergang

Samuel de Champlain, ontdekkingsreiziger en goeverneur van Nieuw-Frankrijk
Samuel de Champlain, ontdekkingsreiziger en goeverneur van Nieuw-Frankrijk

In 1629 werd Québec door de Engelsen bezet en het duurde tot 1632 voordat Frankrijk weer de controle over Nieuw-Frankrijk verkreeg. In 1663 maakte koning Lodewijk XIV van Frankrijk van Nieuw-Frankrijk een kroonkolonie en provincie van het moederland met een gelijksoortige staatsinrichting als dat van Frankrijk. De in de late 17e eeuw en vroege 18e eeuw woedende oorlogen tussen de Engelsen en de Fransen in Noord-Amerika zoals de King William’s War en de Queen Anne’s War resulteerde in verlies van grondgebied voor Nieuw-Frankrijk. Hoewel Québec behouden bleef voor Frankrijk vielen Newfoundland en delen van Acadië (Nu Nova Scotia) bij de Vrede van Utrecht in 1713 in Britse handen.

De Franstalige bevolking van Acadië weigerde zich te onderwerpen aan de Britten en in 1755 werden 12.000 van hen gedeporteerd. Een groot gedeelte van deze mensen vestigde zich uiteindelijk in Louisiana waar hun nazaten de Cajun nu nog wonen.

In 1756 echter brak de Franse en Indiaanse oorlog uit, een conflict dat behalve in de Amerikaanse koloniën ook in Europa zelf werd uitgevochten en daar de Zevenjarige Oorlog werd genoemd. Québec werd vanaf zee belegerd terwijl een Brits leger onder generaal James Wolfe de Fransen een nederlaag te land bezorgde. In september van dat jaar viel Québec te prooi aan de Engelsen terwijl een jaar later bijna geheel Nieuw-Frankrijk in Canada in Engelse handen viel. Op 10 februari 1763 werd de Vrede van Parijs getekend en gaf Frankrijk officieel al haar gebieden in Noord-Amerika, behalve de eilanden Saint-Pierre en Miquelon, op ten gunste van de Britten.

Morgen volume 2 van de acht delige geschiedenis

06:00 Gepost door Hexana in Geschiedenis | Permalink | Commentaren (0) | Tags: geschiedenis, canada |  Facebook |

06-02-08

Wat is Canada

canadaCanada is een land op het noordelijke deel van het continentale Noord-Amerika. Aan de zuidkant wordt het begrensd door de Verenigde Staten van Amerika, aan de oostkant door de Atlantische Oceaan, aan de westkant door het eveneens Amerikaanse Alaska en de Grote Oceaan en in het noorden door de Noordelijke IJszee. De hoofdstad van Canada is Ottawa. De grootste steden zijn Toronto, Montréal en Vancouver. Het staatshoofd van Canada is koningin Elizabeth II, vertegenwoordigd in Canada door de Gouverneur-Generaal. Canada is lid van het Gemenebest van Naties. De naam Canada is afgeleid van het indiaanse woord ‘’kanata’’, wat ‘’nederzetting’’ betekent.

Canada is onderverdeeld in 10 provincies en 3 territoria. Een provincie heeft een eigen gekozen regering en parlement met grotendeels zelfzeggenschap behalve in zaken van nationaal belang, zoals defensie, internationale politiek en handelsverdragen. Een territorium heeft minder zelfzeggenschap met meer invloed vanuit de nationale overheid. Het territorium Nunavut heeft een relationele band met de nationale overheid die veel overeenkomst vertoont met die van de provincies. Nunavut wordt voornamelijk bewoond door de Inuit, één van de oorspronkelijke bevolkingsgroepen van Canada.

De tien provincies zijn: Alberta - Brits-Columbia - Manitoba - New Brunswick - Newfoundland en Labrador - Nova Scotia - Ontario - Prins Edwardeiland - Québec - Saskatchewan
De territoria: Northwest Territories (Inclusief deel der Canadese Arctische Eilanden) - Nunavut - Yukon.

Bevolking

De meeste van de 33.390.141 (2007) inwoners van Canada wonen in een strook van een paar honderd kilometer langs de grens met de Verenigde Staten. Deze grens volgt voor een groot deel de 49e breedtegraad, de langste onverdedigde grens tussen twee landen. De noordelijke delen van de provincies, honderden kilometers verder naar het noorden, zijn dan ook schaars bevolkt. Nog schaarser bevolkt zijn de noordelijk van de provincies gelegen territoria.

De inwoners van Canada noemt men Canadezen. De oorspronkelijke bevolking bestaat uit Inuit en Indianen. De eerste grote groepen immigranten uit Europa waren Engelstaligen alsmede Franstaligen. De laatsten vormen in de provincie Québec de meerderheid en daar is Frans de (enige) officiële taal.

Canada is altijd een immigratieland geweest en er zijn dan ook mensen vanuit de hele wereld te vinden. In het westen zijn veel Oekraïners neergestreken. Op vele plaatsen zijn ook Nederlandstalige immigranten te vinden, die er vooral in de jaren van na de Tweede Wereldoorlog naar toe zijn gegaan. Ook uit Azië zijn velen naar Canada getrokken, vooral naar de westkust waar veel Canadezen van Chinese origine wonen. In de jaren '80 en '90 zijn veel Chinezen uit Hongkong naar Vancouver verhuisd. In Québec zijn gemeenschappen uit Haïti en Franstalig Afrika.

Taal

Canada als geheel is officieel tweetalig, hoewel daar in de westelijke provincies vaak niet zo veel van te merken is. De Québécois spreken een voortzetting van het Frans, een patois van de 17e en 18e eeuw. In tegenstelling tot wat met het Afrikaans gebeurd is, hebben zij vastgehouden aan dezelfde standaardtaal als andere Franstalige gebieden zoals Frankrijk, westelijk Zwitserland of Wallonië. Sinds de jaren '60 heeft zich een scherpe politieke scheiding ontwikkeld tussen het Franstalige Québec en de Engelstalige provincies, zelfs in die mate dat menigeen in Québec onafhankelijk wilde worden van Canada. Er werden een aantal referenda gehouden waar de onafhankelijkheid van Québec maar nipt werd afgewezen. Franstaligen werden veel gediscrimineerd, hoewel vele Canadezen (ook gematigde Franstaligen) dat inmiddels een verouderde overweging vinden. Ook in een aantal andere provincies zoals New Brunswick, Ontario en Manitoba wordt enig Frans gesproken. New Brunswick is de enige officieel tweetalige provincie.

20:00 Gepost door Hexana in Geschiedenis | Permalink | Commentaren (0) | Tags: canada, reizen, toerisme |  Facebook |